We rijden richting Mizen Head, het meest zuidwestelijke puntje van Ierland. Vanaf nu pakken we delen van de Wild Atlantic Way, een route langs vooral de westkust, maar ook stukken van de Noord- en zuidkust van Ierland. Al snel rijden we weer over een klein weggetje, maar met de meest indrukwekkende kliffen en uitzichten over de Atlantische Oceaan. Het zicht is wat heiig, waardoor het lijkt alsof er een soort blauwachtige sluier over het water en de bergen daarachter hangt. Grote rotsblokken markeren het landschap. Schapen, koeien en paarden grazen van de schuine hellingen. Gestapelde muurtjes zijn overgroeid met heide en varens. Langzaam klimmen we omhoog naar het zuidwestelijke puntje toe. Mizen Head is natuurlijk ook weer zo’n toeristisch punt. Ik ben bewust na sluitingstijd gekomen, maar grote hekken voorkomen dat je het laatste stukje ziet. Daarvoor moet men een kaartje kopen. Het is in ieder geval een prima plek om te overnachten. Er staan een stuk of tien andere campers, en ik parkeer met het zicht op de woeste zee in de diepte. Ik maak mijn gebruikelijke pannetje spaghetti. De honden genieten van hun nieuwe merk brokken. Er zijn wederom geen wandelpaden te bekennen, dus na het eten lopen we een stuk van het weggetje af in de snijdende wind. Verder waagt niemand zich buiten de camper. We gaan vroeg naar bed. Ik denk even terug asn de weken dat ik samen met Mika en Moran de Waddenroute liep, en dat we in een tentje sliepen. Wat ben ik blij dat we nu in het veilige metalen buikje van de bus liggen. En we hebben alles bij de hand: warmte, water, eten en een toiletje. Wat wil een mens nou nog meer?


De volgende dag vervolg ik mijn route over de Ring of Beara, die het Caha-gebergte doorkruist via de Healy Pass. Het weggetje kringelt zich tussen de bergen omhoog. Grote rotswanden markeren het landschap. Overal zien we het wit van bruisende watervallen, die over de rotsen hun weg naar beneden vinden. We rijden over talloze kleine stenen bruggetjes, en overal lopen schapen op de weg. Mika en Moran staan beiden naast me, en kijken mee door de voorruit. Bovenop de pas stap ik even uit en maak wat foto’s. Een parkeerplaats is er niet, evenmin als een wandelroute.





Na de pas pak ik de Wild Atlantic Way weer op, en vind een klein parkeerplaatsje bij in de buurt van een Discovery Point. Vanaf de weg is het niet te zien. Het ligt verscholen achter een stenen muurtje en beplanting. Vanaf het parkeerplaatsje hebben we zicht op de zee. De honden rennen over het stenen strandje naar het water toe. Marte staat er als eerste in, terwijl Mika en Moran de rotsen uitlopers verkennen. Verder staan er een paar stenen picknick bankjes, en er is een piepklein haventje met twee bootjes. Wat een vrijheid, en wat een fijne plek om te overnachten.





