Ik besluit om naar Keem Beach, het uiterste puntje van Archill Island, te gaan. We nemen de wat langere route door de Delphi van het graafschap Mayo. Al snel hebben we prachtig zicht op de Killary Fjord, en daarna op bergachtig gebied, met aan de rechterkant de Sheeffry Hills en links de Mweelrea, een berg van rond de achthonderd meter hoog.
Het eiland Archill is te bereiken via een brug. In drie kwartier rijden we het hele eiland over naar de andere kant. Op een parkeerplaats halverwege de heuvel parkeer ik de bus, en we kijken neer op het prachtige zon verlichte strand van Keem Beach. Het blauw van de zee lijkt wel doorzichtig en laat de donkere rotsen, die zich onder het wateroppervlak bevinden, zien. De witte schuimkoppen van de golven rollen op het goudgele strand en slaan tegen de kliffen op, die zich naar de omringende groene heuvels toe strekken. Dit gebied heeft een maritiem verleden, en er staan nog wat restanten van gebouwen. Samen met Mika en Moran klim ik richting Moyteoge Head, en buigen dan af naar de Cliffs of Croaghaum aan de andere kant van het westelijke puntje van Archill. Aan alle kanten hebben we prachtige vergezichten over de oceaan, de kliffen en de heuvels. In deze gebieden is veel ‘bog’ te vinden, een soort veenmoeras. Ook hier zakken we regelmatig weg in de zachte heide en grassen. Helaas houd ik mijn wandelschoenen niet droog.
Met onze terugkomst bij de bus is het inmiddels een stuk drukker geworden. Het is weekend en de zon schijnt. Er zwemmen zelfs wat mensen in de zee. Hun opgewonden geschreeuw klinkt boven het geluid van de golven uit. Gelukkig hebben we onze eigen kleine privé terrasje voor de bus, en houd ik de lange lijnen van de honden wat korter, zodat mensen er langs kunnen lopen. Ik hang mijn natte sokken te drogen aan de buitenspiegels van de bus. Urenlang kijken we neer op Keem Beach, en al het gekrioel van mensen.











