Een stoere vuurtoren en een zeestack

Ik ben op weg naar Stoer Lighthouse. De B869, ook wel bekend als de Drumbeg Road, is een prachtige rit door het Sutherlandse landschap in de noordelijke Hooglanden van Schotland. Bergen, meren en de zee wisselen elkaar af, en het liefst zou ik bij elke bocht van de weg willen stoppen om het uitzicht in me op te nemen. Het eenbaansweggetje naar de vuurtoren draait door rotsige bergtoppen. Hier en daar ligt een huis verscholen achter een rots, maar voor de rest oogt het ruig en verlaten. De schapen hebben hier weer vrij spel en blijven rustig op de weg liggen terwijl je probeert te passeren. Mika en Moran maken zich behoorlijk kwaad, en staan voor het merendeel van de rit met hun neuzen tegen het raam geplakt. Er staat maar één andere buscamper op de parkeerplaats bij Stoer Lighthouse. Ik loop een korte plasronde met de honden in de harde wind. De vuurtoren staat op een hoge klif en kijkt uit over de ruige rotskust en de donkere zee. De golven slaan met fors geweld tegen de kliffen aan, en het witte schuim spettert omhoog. Ik doe snel de schuifdeur weer dicht, en we eten binnen terwijl we naar het donkere schouwspel van de zee kijken.

‘Kijk, daar is ‘ie,’ zeg ik tegen de honden en ik wijs naar een puntige rotsformatie niet ver van de kust af. De Old Man of Stoer is een zestig meter hoge zeestack van Torridonian’s zandsteen. In geologische termen wordt het ook wel een brandingspilaar genoemd, een verticale pilaar van gesteente gevormd door kusterosie. Mika en Moran kijken vanaf de kliffen de diepte in, maar zijn meer geïnteresseerd in de vogels die er rondvliegen dan één of andere puntige rots. We hebben het kustpad gevolgd vanaf de vuurtoren, en staan nu op het puntje van het schiereiland Stoer. De zon schijnt en de zee schittert ons tegemoet. In de verte is de heuvelachtige kustlijn van de westkust van Schotland goed te zien. We klimmen nog verder langs de heuvel omhoog, totdat we bij een betonnen markeringsteken uitkomen. Vanaf daar hebben we zicht op vrijwel het hele schiereiland. Talloze meren liggen verspreid over de drassige graslanden, waarvan de randen afbuigen naar de rotsige kliffen en de zee.

Terug bij de bus is het drukker geworden. Auto’s en campers rijden af en aan. Op de parkeerplaats staat een klein karretje, van waaruit koffie, thee en zelfgebakken cakes wordt verkocht. Ik bestel er een ‘caramel dream’, chocolademelk met gecarameliseerde stukken chocola, en een flink stuk worteltaart. De honden krijgen een kauwbotje terwijl ik van mijn traktatie geniet. Er schijnen hier langs de kust veel walvissen en dolfijnen gespot te worden. Urenlang kijken we dromend uit over de zee.

Gepubliceerd door Nomarit

Mijn naam is Marit. Nadat ik mijn huis heb verkocht en mijn baan heb opgezegd, woon ik samen met mijn twee honden, Marte en Mika, in een bus. Deze blog vertelt over mijn nomadenbestaan al reizende door Europa.

Plaats een reactie