Over een bergpas

We worden gewekt door de zon die tussen de kieren van de gordijnen doorschijnt. Ik kleed me snel aan en open de schuifdeur van de bus. De honden stuiven vol energie over de parkeerplaats, die aan de rand van Pieljekaise Nationalpark en naast het gehuchtje Jäkkvik ligt. We staan hier als enigen en het is er doodstil.
In een rustig tempo lopen we een stukje van de Kungstleden Track over houten planken tussen drassige stukken gras en berkenbomen. We passeren meerdere stromende beekjes en Marte speelt met takjes in het water, iets wat ze altijd al heeft gedaan.

Aan het begin van de middag verdwijnt de zon achter de wolken en gaat Marte slapen in de bus. Ik pak mijn rugzak en samen met Mika ga ik op pad. Na een uur klimmen langs een smal stenen pad, komen we bij een berghut aan, die op de rand van de bomengrens ligt.
Tot nu toe zijn de berghutten die ik in Zweden tegenkom goed voorzien. Er is water, gas om op te koken, hout om mee te verwarmen, tafels, stoelen en bedden met matrassen. Niet ver van de hut staat een klein houten hutje met een wc. Ook daar hangen kleine geruite gordijntjes voor het raampje, en het ruikt er best nog wel fris.

Mika en ik lopen verder over een bergpas met aan weerskanten besneeuwde bergtoppen. Er komt steeds meer bewolking en het waait hard. Mijn t-shirt wappert om mij heen. Mika’s oren liggen plat op zijn kop. Hij heeft het niet zo op die harde wind. Er is geen beschutting, enkel lage begroeiing, stenen en water. We lopen nog een uur, totdat we weer dalen richting grote plassen water met daarachter de volgende rij bergen. Daarachter ligt Adolfstrom, maar dat is nog minstens twintig kilometer lopen. ‘Dat lukt ons niet in een dag,’ zeg ik tegen Mika, die met zijn neus stellig die richting op blijft staan. Ik pel twee gekookte eieren en leg er eentje op een steen voor Mika om te eten. Ik eet het andere ei. Daarna keren we om en lopen terug. Het begint te regenen. De bergen in de verte verdwijnen in de donkere lucht en ik zie een sluier aan regen die over hen heen trekt.
Wanneer we weer voorbij de hut tussen de berken lopen, begint het steeds harder te regenen. De stenen worden glad, maar toch lopen we het stuk in de helft van de tijd, dan toen we naar boven klommen.
Drie en een half uur later springen we haastig de bus in. Marte werpt een blik naar buiten en blijft lekker liggen op haar schapenvachtje. Ik wrijf Mika zoveel mogelijk droog met een handdoek en hang de natte spullen te drogen over de voorstoel.
Op de weer app lees ik dat het hard blijft regenen tot het einde van de volgende ochtend. De daaropvolgende dagen blijft het regenachtig. We zitten niet ver van de Poolcirkel af, dus het weer zal wat kouder en wisselvalliger zijn. Met een pannetje warm eten op schoot genieten we van het getik van de regen op het dak van de bus.

Gepubliceerd door Nomarit

Mijn naam is Marit. Nadat ik mijn huis heb verkocht en mijn baan heb opgezegd, woon ik samen met mijn twee honden, Marte en Mika, in een bus. Deze blog vertelt over mijn nomadenbestaan al reizende door Europa.

5 gedachten over “Over een bergpas

Geef een reactie op janny swagemakers Reactie annuleren